Besparen op inkt en toner

Besparen op inkt en toner

Jeroen Horlings - 28 oktober 2009, 15:09

In crisistijd kunt u eventueel bezuinigen op inkt voor uw printer. Die inkt wordt niet voor niets vloeibaar goud genoemd: het is een publiek geheim dat fabrikanten meer verdienen aan inkt dan aan printers. Eén van de manieren om zelf wat geld uit te sparen is om goedkopere inkt te kopen, of eventueel zelf na te vullen. In deze editie van Opgelost laten we u zien hoe!

1 De literprijs van inkt

Voorbeeld: een originele cartridge met 27 ml inkt kost in de winkel 12 euro. Dat is maar liefst 444 euro per liter! Een klooncartridge kost 3,50 euro voor 30 ml. Dat is 117 euro per liter. En een navulset met drie inktkleuren kost circa 20 euro en is goed voor ongeveer vier keer navullen, waarmee de prijs uitkomt op 1,75 euro (€ 56 per liter). Tel uit uw winst!

De inkt koopt u in potjes voor de aparte kleuren.

2 B-merk

De term ‘B-merk’ klinkt negatief, maar hiermee worden alle merken bedoeld behalve het originele merk. Naast merknamen als Pelikan, Ink Again en WeCare zijn er ook heel veel zogenaamde ‘huismerken’. Daarbij gaat het meestal om winkels, variërend van landelijke ketens tot webshops, die inkt onder hun eigen naam verkopen. Zij kopen de producten in en plakken er hun eigen etiket overheen. De cartridges van B-merken zijn meestal gerecyclede originele cartridges. Om teleurstelling te voorkomen kunt u voor aanschaf Googelen op ervaringen met inkt van een bepaald B-merk. Let ook op eventuele garanties van de verkoper, met betrekking tot de kwaliteit en houdbaarheid. Voor populaire laserprinters zijn ook toners van B-merken te koop voor aanzienlijk lagere prijzen.

3 Voordeelverpakking

Verbruikt u veel inkt, dan kunt u ook geld besparen door een voordeelverpakking te kopen. Het betreft dan een cartridge met meer inkt dan gebruikelijk, of een set van meerdere cartridges bij elkaar. Of het nu het originele merk of een huismerk betreft, voor grote hoeveelheden krijgt u korting.

4 Eigen merk

Waarom zou u eigenlijk inktcartridges en toners van het eigen merk kopen als het veel goedkoper kan? Dat hangt af van de vraag waarvoor u uw printer gebruikt. Inkt van derden is voor tekst- en standaard-kleurafdrukken geen probleem. Voor foto’s is het een ander verhaal. In eerste instantie kan het afdrukresultaat prima zijn, maar met name de houdbaarheid is een probleem. De afdruktechnologie van de printer, het fotopapier en de inkt zijn nauw op elkaar afgesteld. Inkt van derden kan leiden tot een beduidend kortere levensduur, met name wanneer de foto’s worden blootgesteld aan zonlicht. Printerfabrikanten claimen een levensduur van 50 tot 200 jaar, maar dat geldt alleen wanneer de originele inkt en het eigen papier worden gebruikt. U hebt vast wel eens een afdruk gezien die blauw uitgeslagen of sterk verkleurd was. Meestal is dat te wijten aan het gebruik van inkt en papier die niet ideaal op elkaar zijn afgestemd. Volgens onderzoeksbureau Wilhelm Imaging Research is er best goede inkt van derden verkrijgbaar, maar komt geen enkel product dicht in de buurt van het origineel als het gaat om houdbaarheid. Fabrikanten waarschuwen tevens dat inkt van derden slecht kan zijn voor de printer (onder andere dat de printkoppen verstopt kunnen raken). Hoewel u dat best met een korreltje zout mag nemen, kan de garantie vervallen wanneer een printer aantoonbaar defect is geraakt door het gebruikt van ‘vreemde’ inkt.

‘Verwijder dit etiket niet’ staat er vaak. Als u wilt bijvullen moet het wel, want onder het etiket bevindt zich het bijvulgaatje.

5 Zelf inkt bijvullen

Zelf inkt bijvullen is niet een heel moeilijk, maar wel een nauwkeurig werkje. In de winkel of via internet koopt u een navulset, bestaande uit flesjes met inkt, spuiten en naalden. Maak voor het navullen eerst de contacten onderaan de cartridge schoon met een vochtig doekje. Zoek vervolgens de vulopening(en), oftewel het luchtgaatje. De locatie van dit gaatje verschilt per merk en per type cartridge. Soms is het duidelijk zichtbaar, maar vaak moet u eerst een plastic etiket verwijderen (waarop staat dat u dit vooral niet moet doen). Iedere cartridge heeft een dergelijk gaatje, omdat hiermee de cartridge in de fabriek met inkt wordt gevuld. Wanneer u een cartridge gebruikt met drie kleuren, dan zullen er drie gaatjes zijn. Soms zijn er meerdere gaatjes per kleur. De exacte instructies (per merk en type) zitten bij de navulset. Monteer eerst de naald op de spuit, haal daarna de dop van de inktfles en zuig inkt in de spuit door het uiteinde aan te trekken (het aantal milliliter is afhankelijk van het type cartridge). Prik de naald vervolgens voorzichtig in het vulgaatje. Spuit vervolgens de inkt langzaam in en houd continu in de gaten of er inkt uit het gaatje komt (de cartridge is dan vol). Helemaal vullen is overigens niet nodig, sterker nog: beter van niet als u geen inkt wilt verspillen. Maak de cartridge na het vullen schoon (indien nodig) en laat hem een half uurtje rechtop staan. Soms is het nodig om het gaatje af te plakken. Plaats hem vervolgens in de printer.
Let op: inktcartridges zijn niet oneindig hervulbaar, omdat langzaam slijtage optreedt (met onder andere lekken als gevolg). Sommige cartridges zijn ontworpen voor eenmalig gebruik.

Boven de contacten ziet u een klein gaatje. Wanneer u daar een paperclip in prikt wordt de cartridge gereset (en weer als ‘vol’ aangezien).

6 ‘De cartridge is leeg’

Sommige cartridges beschikken over een beveiligingsmethode. De printer (of een chip) onthoudt hoeveel inkt er is verbruikt en kan op basis daarvan een melding weergeven dat de cartridge leeg is. Het kan zijn dat de printer daardoor meldt dat de cartridge leeg is, terwijl u hem net heeft hervuld. De cartridge moet dan gereset worden om weer te kunnen worden gebruikt. Bij sommige merken kunt u de beveiligings-chip resetten door een paperclip in een gaatje boven het printplaatje te prikken. Sommige HP- en Lexmark-printers kunnen worden gefopt doordat ze maar twee verschillende sets van cartridges kunnen onthouden. De truc is dan dat u drie verschillende cartridges (zowel kleur als zwart) één voor één in de printer stopt (en deze daarna steeds aanzet). Het maakt niet uit of ze vol of leeg zijn. De derde cartridge, het exemplaar dat u net heeft gevuld, wordt dan als ‘nieuw’ herkend. Soms werkt het ook om uw printer een half uur van het stroomnet af te koppelen (zonder cartridge). Bij de sommige cartridges moeten contacten worden afgeplakt. Ook zijn er zogenaamde resetters te koop, die een cartridge weer als vol kunnen instellen. Als u op internet zoekt naar uw type printer, weet u al snel wat de beste methode is.

7 Laten bijvullen

Wanneer u opziet tegen het zelf vullen van cartridges, kunt u dit ook laten doen. Sommige winkels kunnen dit voor u doen, wat u veel tijd en gedoe kan besparen. Winkels die dit doen vindt u in het hele land, zoals bepaalde computerzaken, maar ook videotheken (bijv. Videoland).

8 Recycling

Gooi inktcartridges en toner nooit zomaar weg. Cartridges zijn geld waard, omdat ze gerecycled kunnen worden, zij het door de oorspronkelijke fabrikant dan wel door derde partijen. Ook kunt u natuurlijk zelf de cartridges hervullen. Bij veel foto- en elektronicazaken, scholen en stichtingen kunt u uw cartridges inleveren. Veel tonerfabrikanten hebben een formulier in de doos gestopt waarmee u oude toners kosteloos via de post kunt opsturen (via een antwoordnummer). Zie voor meer informatie www.printerafval.nl en www.stichtingaap.nl.

blog comments powered by Disqus