Bewaar voor web
Stap 01
Wie zijn afbeeldingen via het internet verstuurt, moet de juiste keuzes maken op drie vlakken: de fysieke afmetingen van de beelden, de compressie en eventueel het aantal kleuren. Zowel in Photoshop als in Photoshop Elements zoekt u het ideale compromis tussen deze drie elementen met de opdracht Bestand / Opslaan voor web en apparaten (Save for Web & Devices).
Stap 02
Optimaliseren voor het web blijft een evenwichtsoefening. Enerzijds wilt u de bestandsgrootte van de afbeelding zo klein mogelijk maken zodat de bezoeker de plaatjes snel te zien krijgt. Anderzijds wilt u niet dat de zichtbare kwaliteit van de afbeelding onder de afslankbeurt lijdt. Om steeds in het oog te houden hoe het geoptimaliseerde plaatje er uit komt te zien, kunt u bovenaan het tabblad Origineel, Optimaal, 2-maal tonen of 4-maal tonen kiezen. Hier vergelijken we het origineel (linksboven) met drie verschillende compressie-instellingen.
Stap 03
In dit weergavevenster beschikt u over vier gereedschappen. Het handje om de afbeelding te verschuiven, het gereedschap segmentselectie (daar komen we straks op terug), het vergrootglas om in of uit te zoomen en het pipet om een kleur te selecteren in de afbeelding. Om supersnel in te zoomen tot 100% (zodat één beeldpixel overeenkomt met één schermpixel) dubbelklikt u op het vergrootglas. Om de afbeeldingen schermvullend te maken, dubbelklikt u op het handje.

Stap 04
Onderaan ieder deelvenster ziet u de verschillende bestandsgrootten. Op deze manier kunt u grootte van het geoptimaliseerde bestand vergelijken met het oorspronkelijke document. Bovendien staat er hoelang het (bij benadering) zou duren om de afbeelding te laden. Standaard baseert Photoshop zich op de snelheid van een ouderwetse 28K-modem. Kent u iemand die zo’n museumstuk nog gebruikt? In de rechtbovenhoek van dit venster Opslaan voor web vindt u een klein driehoekje waar u een andere bandbreedte kunt selecteren, zodat de downloadtijd opnieuw wordt berekend.

Compressie
Stap 01
Om de bestanden af te slanken doet u een beroep op compressie. Voor online gebruik kiest u uit drie bestandsindelingen: jpeg, gif of png. Helaas gaat compressie meestal gepaard met kwaliteitsverlies. Dat is merkbaar bij jpeg en gif. Hoe meer compressie u toepast, hoe kleiner het bestand wordt, maar hoe meer onregelmatigheden er verschijnen, zoals hier aan de rand van het standbeeld.
Stap 02
Ieder compressieformaat heeft zijn voor- en nadelen. Wanneer u foto’s online wilt publiceren, levert jpeg de meeste winst op. Jpg ondersteunt net als png 16,7 miljoen kleuren. Het gif-formaat kan hoogstens 256 kleuren tonen. Gif is dan weer uitstekende voor lijntekeningen. Ook tekst in afbeeldingen blijft lekker strak. Hier ziet u links een titel in jpg en rechts in gif. Het beste resultaat voor tekst komt duidelijk van gif.
Stap 03
Png-bestanden zijn veel groter dan jpg-bestanden en laten zich goed comprimeren. Png-8 kan 256 kleuren tonen en png-24 ondersteunt net als jpg ruim 16 miljoen kleuren. De foto van de vlieg die oorspronkelijk 6,95 MB groot is, meet in png (met behoud van transparantie) slechts 197 KB. Hij is dus verkleind met factor 35.




