How To

Schijfdefragmentatie in Windows

Deel:

| 4 december 2009, 09:22

pagina 1 01: Sectoren en clusters, 02: Oude situatie, 03: Defragmentatie in Windows XP, 04: Windows Vista en 7
pagina 2 05: Limiet van 64 MB, 06: Verstoring prefetch, 07: Meer misverstanden, 08: Bijzondere gevallen
pagina 3 09: Automatisch defragmenteren in XP, 10: Batchbestand, 11: Automatisch afsluiten

Over defragmenteren blijken nogal wat misverstanden te bestaan. Zo wordt vaak gedacht dat andere programma's beter defragmenteren dan het in Windows ingebakken Schijfdefragmentatie. Dat is echter niet het geval en soms is er zelfs sprake van het tegendeel. Andere hardnekkige misverstanden zijn dat Windows Schijfdefragmentatie traag is, en niet in staat is om systeem­bestanden zoals de Master File Table te defragmenteren. In deze Expertcursus zetten we de vroegere en de huidige stand van zaken rond fragmentatie en defragmentatie uiteen.

01: Sectoren en clusters

Wanneer u een harde schijf formatteert, wordt deze tijdens dit proces ingedeeld in zogenoemde sectoren, die elk 512 bytes aan data kunnen bevatten. Het bestandssysteem dat u vervolgens kiest combineert groepen sectoren tot clusters. Een cluster is de kleinste eenheid waarin een bestand of een deel daarvan kan worden opgeslagen. Onder het bestandssysteem NTFS, dat tegenwoordig nagenoeg overal wordt gebruikt, bestaat een cluster in het algemeen uit acht sectoren, en het is daarmee 4.096 bytes, ofwel vier kilobyte, groot. Een film van 800 MB wordt dus opgeslagen in 200.000 van deze clusters.

In de ideale situatie staan al die clusters aaneengesloten en in de juiste volgorde op de harde schijf, waardoor ze gelezen kunnen worden zonder dat de leeskop daarbij vertragende zoekbewegingen hoeft uit te voeren. De bestandsindeling op de schijf verandert echter voortdurend: bestanden worden groter of kleiner en er worden bestanden verwijderd, terwijl er andere bijkomen. Hierdoor kan een bestand soms niet in zijn geheel op de plek worden teruggezet waar het vandaan kwam, en in dat geval wordt het opgesplitst in een of meerdere groepen clusters, die opgeslagen worden op plaatsen die op dat moment vrij zijn. In dat geval is er sprake van bestandsfragmentatie. De leeskop moet nu meer bewegingen maken om het bestand te lezen, en dit kan de prestaties van de pc negatief beïnvloeden. Om deze verspreid staande reeksen clusters weer samen te voegen tot aaneengesloten bestanden zijn defragmentatieprogramma’s ontwikkeld.

02: Oude situatie

De defragmentatietools in oudere Windows-versies waren niet ideaal. Een defragmentatie kon erg lang duren, en gedurende die periode was de machine in feite onbruikbaar, omdat een simpele muisklik er al voor kon zorgen dat het proces helemaal opnieuw van start ging.

In Windows 98 kon een defragmentatie enige uren in beslag nemen.

Veel mensen weken om die redenen uit naar professionele programma’s zoals Diskeeper, die bovendien meer mogelijkheden boden. Bij de introductie van Windows NT4 en het nieuwe bestandssysteem NTFS werd bestandsfragmentatie van minder belang. Onder NTFS raken bestanden nog steeds gefragmenteerd, maar doordat de fragmenten slimmer over de schijf worden verspreid dan onder het oudere bestandssysteem FAT het geval is, beïnvloedt dit de prestaties beduidend minder. Bij Microsoft dacht men zelfs dat het fragmentatieprobleem hiermee was opgelost, en om die reden bevatte Windows NT4 geen defragmentatieprogramma meer. Toch bleken ook onder NTFS de systeemprestaties na enige tijd terug te lopen door bestandsfragmentatie, en Windows 2000 werd daarom weer voorzien van het programma Windows Schijfdefragmentatie, dat inmiddels een stuk verbeterd was ten opzichte van zijn voorgangers. Zo werkte het bijvoorbeeld sneller, en tijdens een defragmentatie kon de pc gewoon in gebruik blijven. Ten opzichte van professionele tools had het programma nog wel zijn beperkingen, maar deze werden grotendeels opgeheven in de versie die voor Windows XP werd ontwikkeld.

03: Defragmentatie in Windows XP

Voor Windows XP werd Schijfdefragmentatie verder verbeterd. Het op Diskeeper gebaseerde programma werd voor dit besturingssysteem nagenoeg geheel herschreven. Hierdoor werd het onder meer mogelijk systeembestanden in de normale modus te defragmenteren – iets wat voorheen slechts mogelijk was in de veilige modus, of met hulpprogramma’s zoals PageDefrag.

Daarnaast werd het programma weer wat sneller dan zijn voorganger in Windows 2000: een eerste defragmentatie kan nog steeds geruime tijd in beslag nemen, maar wanneer hierna regelmatig wordt gedefragmenteerd is de hele procedure vaak nog maar een kwestie van enkele minuten. Een andere verbetering in XP was ‘prefetching’. Bij dit proces wordt voortdurend bekeken welke programma’s het meest gebruikt worden. Door op basis hiervan bepaalde code vooraf in het geheugen te laden, kunnen deze programma’s sneller worden gestart. Bovendien wordt het opstartproces op deze manier gestroomlijnd.

Een onderdeel van prefetching is een automatische, gedeeltelijke defragmentatie, die regelmatig op de achtergrond plaatsvindt. Hierbij worden de bestanden die bij het opstarten nodig zijn en de bestanden die vooraf in het geheugen moeten worden geladen zodanig op de schijf gerangschikt, dat ze zo snel mogelijk kunnen worden uitgelezen. Dit alles zorgt ervoor dat u op een XP-systeem soms maanden achtereen kunt werken zonder noemenswaardig veel last van fragmentatie te hebben: fragmentatie onder NTFS heeft sowieso al minder invloed op de systeemprestaties, en de gedeeltelijke, automatische defragmentatie van juist die bestanden die voor een vlotte werking van het systeem zorgen, vermindert deze negatieve invloed nog verder.

04: Windows Vista en 7

Met Windows Vista introduceerde Microsoft volledig automatische defragmentatie, en ook in Windows 7 wordt deze methode toegepast. Het programma draait alleen wanneer de pc niet wordt gebruikt, waardoor de systeembelasting die dat met zich meebrengt u nooit hindert tijdens uw werk. Standaard wordt er eenmaal per week gedefragmenteerd, en in de praktijk blijkt dat ruimschoots voldoende.

In Windows Vista en 7 wordt standaard eenmaal per week automatisch gedefragmenteerd.

Het programma is zo in te stellen dat er elke keer meerdere schijven of partities achter elkaar worden gedefragmenteerd. Wat opvalt is dat de interface geen grafische voorstelling meer toont van de fragmentatiegraad. Dit lijkt op het eerste gezicht een tekortkoming, maar Microsoft heeft hier naar ons idee terecht voor gekozen. Een grafische voorstelling geeft namelijk wel een juist beeld van het percentage gefragmenteerde bestanden, maar dat percentage op zichzelf zegt niets over de invloed ervan op de systeemprestaties. Een schijf-image van 16 GB bijvoorbeeld, dat dertig procent van de gebruikte bestanden vertegenwoordigt, laat een alarmerende hoeveelheid rode blokjes in de grafiek zien. Maar wanneer zo’n image uit slechts vier fragmenten bestaat, heeft dat geen enkele invloed op de snelheid waarmee het bestand wordt gelezen.

Lees verder >>
Deel:
De reacties worden ingeladen, een moment geduld...