1 Kleur onderdrukken
Eerst gaat u de kleuren van de afbeelding onderdrukken. Dat is niet hetzelfde als ‘kleuren verwijderen’, want u voor deze ingreep hebt u de kleurinformatie nodig. In dit geval behoudt u de informatie van de drie kleurkanalen rood, groen en blauw, maar de kleurverzadiging schroeft u helemaal terug. Als u gaat kijken bij Afbeelding / Modus zult u merken dat het bestand tijdens de hele bewerking in modus RGB blijft en nooit echt in grijswaarden staat. Open het palet Lagen met de opdracht Venster / Lagen en klik boven in dit palet op de zwart-witte bol. Dat is de knop Aanpassingslaag maken. In oudere versies van Photoshop Elements en ook in de professionele versie van Photoshop staat deze knop trouwens onderaan. Hierdoor verschijnt een uitklapmenu waar u voor een aanpassingslaag Kleurtoon/verzadiging kiest. Als u de muisknop loslaat, plaatst het programma een nieuwe aanpassingslaag en opent het venster Kleurtoon/verzadiging. Klik op de middelste regelaar, Verzadiging, en sleep deze helemaal naar links of geef hier de waarde -100 in. Hierdoor lijkt het alsof alle kleuren plots verdwenen zijn.
Onderdruk de verzadiging in de aanpassingslaag Kleurtoon/verzadiging.
2 Aanpassingslaag
Een aanpassingslaag is een speciale laag om kleur- en helderheidaanpassingen toe te passen zonder dat u de informatie op de laag eronder aantast. Omdat u met een aanpassingslaag werkt, kunt u snel naar de vorige laag terugkeren. Als u de aanpassingslaag in het vuilnisbakje sleept, bent terug bij af. Bovendien kunt u de dekking van deze laag en dus het effect van de ingreep steeds blijven aanpassen. Deze aanpassingslaag ontrekt alle kleur uit de onderliggende achtergrondlaag. Als u het oogje voor deze aanpassingslaag zou uitklikken, verschijnen de oorspronkelijke kleuren opnieuw. Naast het miniatuur van deze aanpassingslaag ziet u een klein wit vlakje. Dit betekent dat u kunt gebruikmaken van een masker. Als u zwart schildert op deze aanpassingslaag zal op die plaats het effect van de aanpassingslaag verdwijnen. Op de plaatsen die u met wit bedekt, zal het effect van de aanpassingslaag verschijnen. Op dit ogenblik is de aanpassingslaag nog helemaal met wit bedekt. Dat betekent dat de kleurverzadiging over de hele afbeelding is onderdrukt. Daar brengt u zo dadelijk verandering in.
Schilder met zwart op het masker waar u de kleur opnieuw wilt terugkrijgen.
3 Maskeren
Kies in de gereedschapsbalk het penseel. Dan selecteert u een penseelbreedte die groot genoeg is om nauwkeurig over het object te schilderen dat opnieuw kleur moet krijgen. Het mooiste resultaat verkrijgt u wanneer u een penseel met zachte randen gebruikt. Zorg dat onderaan in de gereedschapsbalk de standaardkleuren zijn ingesteld: zwart als voorgrondkleur en wit als achtergrondkleur. Vervolgens schildert u met zwart op de aanpassingslaag. Wissel regelmatig van penseelbreedte om nauwkeurig te werken. Indien u iets te overijverig bent, kunt u nog steeds corrigeren door opnieuw wit te gebruiken op de uitschuivers. Om snel te wisselen tussen wit en zwart gebruikt u de X-toets. Dankzij een masker kunt u het object heel nauwkeurig inkleuren. Om snel het masker te inspecteren houdt u de Alt-toets ingedrukt en klikt u op het miniatuur in het palet Lagen. Op die manier ziet u of u geen plekje vergeten bent. Houdt de Alt-toets ingedrukt en klik opnieuw op het miniatuur om terug te keren naar de normale instelling. Bent u klaar dan verenigt u de lagen met Laag / Eén laag maken.