Ouwe pc-software op de Mac

Door: Jeroen Horlings | 27 januari 2011 17:01

Apple

Wanneer bepaalde software niet voor de Mac beschikbaar is, maar u deze toch per se wilt blijven gebruiken, zijn er drie mogelijkheden. U kunt Windows via Boot Camp als aparte partitie installeren, u kunt Windows binnen Mac OS X laten draaien via virtualisatie en u gebruikmaken van emulatiesoftware.

1. Boot Camp

Is er software die u per se wilt blijven gebruiken op een Mac? Geen probleem, er zijn drie manieren om Windows-software op een Mac te gebruiken. De meest voor de hand liggende manier is via Boot Camp, waar uw Apple-systeem standaard van voorzien is. Het kost niets extra, behalve een geldige Windows-licentie, maar die hebt u wellicht nog. De Boot Camp-assistent verdeelt de harde schijf in twee delen: voor Mac OS X en Windows. Nadat u Windows geïnstalleerd hebt, moet u de Apple-installatie-cd plaatsen die voor geschikte drivers van alle Apple-hardware zorgt. Dit werkt uitstekend voor Windows XP, Vista en 7. Door de Option-toets tijdens het opstarten in te drukken, kunt u wisselen tussen beide besturingssystemen. Het enige nadeel van deze methode is dat u steeds opnieuw moet opstarten om in het andere systeem terecht te komen. Dankzij de effectieve sluimerstand van Mac OS X doet u dit waarschijnlijk minder vaak dan dat u gewend bent bij uw pc.

Met Boot Camp van Apple draait u eenvoudig Windows op uw Mac.

2. Virtualisatie

Er is een andere manier om Windows-software te gebruiken: via virtualisatie. Onder andere Parallels en VMware voorzien in (betaalde) virtualisatiesoftware waarmee u Windows op uw Mac kunt gebruiken in de Mac OS X-omgeving. De software kan ook overweg met een eventueel bestaande Boot Camp-partitie. Dit is erg handig omdat u dan Windows niet nog een keer hoeft te installeren. Hoewel virtualisatie in een standaard besturingssysteem altijd leidt tot prestatieverlies, is er veel verbeterd op dat vlak. Zelfs 3D-spellen – doch niet de zwaarste – laten zich gevirtualiseerd spelen. Op deze manier kunt u dus ook specifieke Windows-software, zoals bijvoorbeeld Internet Explorer of Office 2010, gebruiken. Erg fraai zijn de mogelijkheden om Windows te laten draaien. Dit kan als apart venster, in volledig scherm-modus, of zelfs voor ieder programma een los venster, waarbij Windows-vensters gebroederlijk naast Mac-vensters kunnen worden gebruikt. Let wel: Mac OS kan wat trager functioneren wanneer virtualisatiesoftware actief is.

Windows-applicaties kunnen zowel geïntegreerd (als losse vensters) werken, als binnen een Windows-venster.

3. Emulatie

Een laatste methode is het installeren en gebruiken van een Windows-programma via emulatiesoftware. Dergelijke software, zoals Wine, vertaalt programmacode van het ene naar het andere platform, waardoor een programma kan worden opgestart in een ander besturingssysteem dan waar het voor geschreven is. Wine is oorspronkelijk ontwikkeld voor Linux, zodat daar Windows-software op kon worden gedraaid, maar is nu ook beschikbaar voor Mac OS X. Het opensource-pakket Wine vereist zelf enige technische kennis om effectief te kunnen gebruiken. Daarom hebben andere softwareontwikkelaars er brood in gezien om er een praktische schil omheen te ontwerpen. Er zijn dan ook meerdere vercommercialiseerde versies van verschenen, onder andere van Cedega (voor games) en CodeWeavers (onder de titel CrossOver). De laatste heeft software ontwikkeld voor het draaien van programma’s en een aparte versie speciaal voor games. Er is tevens een flinke database bijgehouden met welke programma’s de emulator goed samenwerkt. Wanneer het gelukt is om een Windows-programma te installeren, kunt u het programma-icoon zelfs in het Dock plaatsen om het snel op te starten.

Met behulp van emulatiesoftware kunt u Windows-programma’s draaien in uw Mac OS X-omgeving, en ze zelfs toevoegen aan het Dock.