Foto’s opfleuren met Photoflare doe je zo

Door: Toon van Daele | 12 maart 2021 09:01

RAW-foto’s bewerken in Lightroom voor iOS en iPadOS
How To

Je kunt de Windows-app Foto’s gebruiken om afbeeldingen te optimaliseren of ze van een vooraf gedefinieerd effect te voorzien. Maar helaas ben je wel snel uitgekeken op deze app door de beperkte mogelijkheden. Photoflare biedt meer om mee aan de slag te gaan. De tool kan weliswaar (lang) niet tippen aan Photoshop, maar je leert er snel mee werken en hij is ook nog gratis.

Photoflare is een gratis opensource-programma, beschikbaar voor zowel Linux als Windows. In dit artikel bekijken we de Windows-uitvoering. Die kun je downloaden als een installeerbaar bestand of in portable formaat. In het eerste geval dubbelklik je op het msi-bestand om Photoflare te installeren, in het tweede geval volstaat het uitpakken van het zip-bestand om meteen erna het bestand ce_photoflare.exe op te kunnen starten. Beide varianten zijn identiek, maar de portable versie heeft als voordeel dat je die bijvoorbeeld ook op een usb-stick kunt zetten en meenemen. Wij gingen aan de slag met de Community Edition 1.6.5. Photoflare is een werk in uitvoering en wordt dus geregeld bijgewerkt. Zo is er bijvoorbeeld wel al een plug-inbeheerder maar moet je het voorlopig nog zonder plug-ins stellen.

Instellingen

Je popelt natuurlijk om een van je afbeeldingen te bewerken, maar je doet er goed aan eerst het menu Tools, Preferences te openen, al was het maar om op het tabblad Startup de Language (bijvoorbeeld) op Dutch in te stellen. Bevestig met Restart to apply en open nogmaals Gereedschappen, Voorkeuren.

Op de diverse tabbladen vind je een aantal interessante opties terug die je wellicht het liefst meteen optimaal instelt. Bij Mappen bijvoorbeeld kun je een standaardmap instellen zowel voor het openen als voor het bewaren van een afbeelding. Bij Bewaren geef je je voorkeur op voor het bestandsformaat (zoals png, jpg, bmp en ico).

Op het tabblad Compressie kun je via een schuifknop de gewenste compressie instellen (van 0 tot 100), maar we raden je toch aan hier de optie Dialoogvenster altijd tonen te selecteren. Verder stel je bij Standaard Waarden de gewenste eenheid in, zoals pixels of centimeters. Bij Vormgeving kun je Meerdere vensters modus kiezen. Open je verschillende afbeeldingen tegelijk, dan komen die niet langer op een eigen tabblad terecht maar elk in een verplaatsbaar venster.

Er zijn niet zoveel instellingen, maar je bekijkt ze het liefst zo snel mogelijk.

Afmetingen

Logischerwijs haal je afbeeldingen op via het menu Bestand, Open, maar een eerder geopend bestand vind je het snelst terug via Laatst gebruikte bestanden in hetzelfde menu. Je treft hier ook de optie Afbeelding Eigenschappen aan, waar je onder meer de bestandsgrootte, afmetingen, dpi en aantal kleuren afleest.

Met het muiswiel zoom je snel in en uit op het plaatje. Het is ook mogelijk de afmetingen aan te passen van zowel de foto als het canvas. Voor beide aanpassingen vind je knoppen in beeld, maar je kunt ook terecht in het menu Afbeelding.

Gaat het om de foto zelf, dan tikt je de gewenste afmetingen gewoon in. Zorg er wel voor dat het kettingpictogram is geselecteerd als je de beeldverhoudingen wilt behouden.

Maak je het canvas groter dan de foto (bijvoorbeeld om er tekst of andere beelden bij te plaatsen), dan moet je wel ook aangeven in welke richting het canvas zich mag uitbreiden. Selecteer bijvoorbeeld het foto-icoon linksboven als het canvas zich naar rechtsonder moet uitbreiden. Bij Kleur vind je een uitklapmenu met een selectie aan canvaskleuren. Klik de kleur in de balk aan om uit een royaal kleurenspectrum te kiezen.

Je kunt het canvas vergroten, bijvoorbeeld voor een titel of bijschrift.

Basisbewerkingen

Met de vier knoppen rechts op de onderste taakbalk of via het menu Afbeelding, Transformeren zijn foto’s te kantelen en draaien. Wil je alleen een bepaald fragment uit de foto overhouden, selecteer dan de pijl (Pointer tool) in de gereedschapskist (rechts) en trek een kader rond het fragment. Klik dit vervolgens met rechts aan en kies Crop. Je kunt uitgevoerde acties altijd ongedaan maken met de sneltoets Ctrl+Z (of vanuit het menu Bewerken, Ongedaan maken). Dat zal soms nodig zijn als je de volautomatische optimalisatietools Auto Niveaus en Auto Contrast (te vinden links op de pictogrammenbalk of via het menu Aanpassen) toepast. Ook de Helderheid, het Contrast, de Verzadiging en de Gamma correctie zijn in kleine stapjes te verlagen of verhogen met behulp van de knoppen op de balk. Met gammacorrectie pas je niet alleen de helderheid, maar ook de RGB-verhouding (rood-groen-blauw) aan.

Verder tref je hier nog knoppen aan om de foto te Vervagen en te Verzachten of juist te Verscherpen en te Versterken (hoewel het verschil tussen beide niet zo duidelijk was – een duidelijke helpfunctie ontbreekt helaas). Telkens als je zo’n knop indrukt, wordt het effect weer wat groter.

Op de taakbalk vind je de gereedschappen die beschikbaar zijn om foto’s te bewerken. De taakbalken zijn los te koppelen en verticaal te plaatsen.

Kleurexperimenten

Op de taakbalk tref je ook nog knopjes aan waarmee je in één keer een specifiek effect toepast. De namen spreken voor zich: Grijswaarden, Oude fotografie en Sepia. Heb je het liever kleurrijker, dan kun je terecht bij de knopjes Kleur variatie en Helling, een wat manke vertaling van kleurverloop.

Bij Kleur variatie kun je een kleurtint de boventoon laten voeren. Die duid je aan in het spectrum of via een schuifknop. Je kunt uit twee methodes kiezen: met Inkleuren leg je als het ware een semi-transparante kleurenwaas over de foto, terwijl met Kleursamenstelling vooral de lichtere kleuren worden benadrukt.

Met Helling leg je één (Eenkleurig) kleur of twee (Duotoon) kleuren vast die dan als een waas over je foto komen liggen. Je bepaalt zelf de richting van dit kleurverloop (bijvoorbeeld diagonaal of verticaal), net als de ondoorzichtigheid van de kleur(en).

In het menu Aanpassen staat de optie Negatief. Die kan handig zijn wanneer je oude negatieven met een scanner hebt geïmporteerd. Het is ook mogelijk een foto deels transparant te maken. Daarvoor zet je het knopje Transparantie kleur in. Je hoeft het pipetje maar boven een kleur in je foto te houden en op Voorbeeld te klikken om het transparantie-effect te zien. Hoe hoger je de Tolerantie instelt, hoe meer delen met een vergelijkbare kleurtint transparant worden gemaakt.

PhotoFlare heeft best leuke kleureffecten in het aanbod.

Creatieve bewerkingen

In de gereedschapskist die zich standaard aan de rechterkant bevindt, vind je nog een aantal tools waarmee allerlei creatieve bewerkingen mogelijk zijn. De meeste komen je vast bekend voor, zoals de Blur- en Smudge-tool waarmee je een fotofragment kunt vervagen of uitsmeren. Er is ook een Magic Wand (toverstaf) waarmee u, afhankelijk van de ingestelde tolerantie, bepaalde kleurgebieden kunt selecteren. Helaas is de bruikbaarheid hiervan beperkt. Met de gum veeg je specifieke fotodelen weg die je vervolgens kunt opvullen met de Paint Bucket. De (voorgrond)kleur voor deze verfemmer kies je bovenaan of je klikt met de Colour Picker op de gewenste kleur in je afbeelding.

Een Line Tool (waarmee je trouwens ook pijlen kunt tekenen), een Spray Can en een Paint Brush zitten er ook bij. Van deze laatste is er ook een Advanced-versie, waarmee je een aantal (vooraf gedefinieerde) patronen op je plaatje kunt tekenen.

Via de kloonstempel zijn bepaalde gebieden uit de foto naar een andere plek te kopiëren. Klik met Ctrl+linkermuisknop eerst het brongebied aan en maak met de linkermuisknop een kloon ervan in het gewenste doelgebied. Via parameters als Straal, Druk, Vast, Verspreid enzovoort stuur je de kloonoperatie verder aan. Een teksttool vind je niet terug in de gereedschapskist, maar je kunt hiervoor wel terecht in het menu Afbeelding, Tekst.

De teksttool vind je niet in de gereedschapskist terug, maar hij zit gelukkig wel in de menubalk.

Filters

Een aantal filtereffecten noemden we al eens. Er zijn er nog meer en die vind je netjes samengebracht in het Filter-menu. De filters Verzachten en Verscherpen zijn je inmiddels al bekend, maar er zijn er nog veel meer die je niet op de taakbalk terugvindt. Ze zijn onderverdeeld in rubrieken als Ruis, Artistiek en Vervormen. Bij Artistiek bijvoorbeeld vind je onder meer Olieverf en Houtskool. Jammer genoeg laat Photoflare je (vooralsnog) geen effecten bijsturen, maar het is wel mogelijk hetzelfde effect te herhalen als je wat meer impact wilt. Verschillende effecten combineren door die na elkaar toe te passen is uiteraard ook mogelijk.

Desnoods herhaalt je hetzelfde effect enkele keren voor wat meer effect.

Batchverwerking

Met Photoflare haal je niet alleen meerdere foto’s op, maar zijn ze ook tegelijk te bewerken. Open daarvoor de Gereedschappen en kies Automatiseer/Batch. Er verschijnt een dialoogvenster waarin je op het tabblad Bestanden eerst alle gewenste bronbestanden ophaalt. Op hetzelfde tabblad kun je al aangeven wat de uitvoermap moet zijn en in welk bestandsformaat ze bewaard moeten worden. Een druk op de OK-knop volstaat om de actie uit te voeren, maar wellicht wil je eerst andere bewerkingen vastleggen. Dat doe je op de andere tabbladen. Een aantal noemden we er al. Zo kun je bij Afmeting afbeelding de grootte van de plaatjes en/of van het canvas aanpassen en optimaliseer je bij Niveaus aanpassen onder meer Helderheid, Contrast en Verzadiging. Het tabblad Samenvatting geef je een overzicht van de gevraagde bewerkingen en met OK zet je het hele proces in gang.

Je kunt ook meerdere bewerkingen op een hele groep afbeeldingen toepassen.

0 Reactie(s) op: Foto’s opfleuren met Photoflare doe je zo

  • Om te reageren moet je ingelogd zijn. Nog geen account? Registreer je dan en praat mee!
  • Er zijn nog geen reacties op dit artikel.

Wanneer je een reactie plaatst ga je akoord
met onze voorwaarden voor reacties.