Gaan we allemaal over op USB-poorten in plaats van stopcontacten?

Door: Laura Kempenaar | 13 februari 2020 14:02

Internet & Thuis

Je ziet het steeds vaker in hotels: de mogelijkheid om je apparatuur direct via een USB-stopcontact op te laden. Je hoeft daardoor niet meer op zoek naar reisstekkers, je kunt de kabel van je mobiele telefoon direct gebruiken. Gaan we straks allemaal over op USB-wandcontactdozen?

Het lijkt er vooralsnog niet op dat we ze echt gaan verruilen. In 2014 werd er nog geschreven dat de tweede klas in de treinen van NS naar alle waarschijnlijkheid in 2021 worden voorzien van stopcontacten. De Nederlandse Spoorwegen zal wel moeten, want het is een voorwaarde die de overheid stelt aan treinbedrijven die op het hoofdrailnet mogen rijden tot 2025. Doet NS dat niet, dan riskeert het een boete van 3 tot 6 miljoen per jaar. Ook in bijvoorbeeld de modernere Flixbussen zit een gewoon stopcontact. De reden dat stopcontacten zo populair zijn, is simpel: deze zijn veel krachtiger dan slechts USB.

Stopcontact

Zware apparatuur

Door een stekker in het stopcontact kan wel 220 tot 240 volt gaan, iets wat zware apparatuur als ovens, kopieerapparaten en stofzuigers wel nodig hebben. Echter is zo langzamerhand de standaard van USB aan het veranderen. Het was ook 10 Watt, wat niet eens genoeg is voor een iPad, maar inmiddels kan USB al tot zo’n 100 Watt halen bij 20 volt en 5 ampère. Hiermee kunnen zelfs notebooks worden opgeladen. Het is bovendien niet makkelijk om zomaar de huidige stroomaanvoer te veranderen.

We hebben nu wisselstroom van 240 Volgt en er is gelijkstroom nodig, wat betekent dat een netwerk met dit stroom nodig is. Het converteren van wisselstroom naar gelijkstroom kost tijd en gaat gepaard met veel energieverlies. En het kost moeite: het is om die reden dat de stekkers van onze smartphones altijd nog een soort blokje hebben, waarbij de wisselstroom naar gelijkstroom wordt gevormd. Gelijkstroom heeft het aan het begin van de vorige eeuw verloren van wisselstroom toen er een standaard werd gekozen, maar inmiddels is de vraag naar gelijkstroom gigantisch. Niet alleen door laptops en smartphones: ook elektrische auto’s maken veelal gebruik van dit type stroom.

Stopcontacten

Wisselstroom en gelijkstroom

Gelijkstroom is het goedkoopst over lange afstanden te transporteren, maar wisselstroom is het makkelijkst om omgezet te worden naar andere spanningen. Wisselstroom kan dan weer niet worden opgeslagen in een batterij. Dat kan gelijkstroom wel, vandaar dat accu’s altijd van dat type stroom gebruikmaken. Bij een gewone laadpaal laad je de auto op met wisselstroom, die binnenin wordt omgezet naar gelijkstroom voor de batterij. Snellaadpalen zijn echter wel gelijkstroom. Hierbij wordt al in de lader een omslag gemaakt van wisselstroom naar gelijkstroom, zodat dat in de bolide niet hoeft. Het laden gaat hierdoor sneller, maar het is ook duurder omdat er meer van het stroomnet wordt gebruikt. Ook is het duurder om deze technologie in een laadpaal mogelijk te maken, wat je terug ziet aan de prijs.

USB-‘stopcontacten’ zullen veel energiezuiniger zijn. In het kader van duurzamer omgaan met elektriciteit zou het op grote schaal vervangen van wisselstroom naar gelijkstroom heel verstandig zijn. Echter moet er dan eerst worden gekeken hoe ook grote witgoed-apparaten kunnen worden opgeladen. Bovendien is het momenteel nog niet zo dat huizen al zijn voorzien van een netwerk met gelijkstroompunten, dus uiteindelijk gaan we waarschijnlijk naar een hybride vorm van zowel de bekende stopcontacten als usb-stopcontacten. Op dit moment werkt het echter allemaal nog prima via de stekkers die we hebben, dus de urgentie is nog niet hoog genoeg om volledig te kiezen voor USB-wandcontactdozen.

0 Reactie(s) op: Gaan we allemaal over op USB-poorten in plaats van stopcontacten?

  • Om te reageren moet je ingelogd zijn. Nog geen account? Registreer je dan en praat mee!
  • Er zijn nog geen reacties op dit artikel.

Wanneer je een reactie plaatst ga je akoord
met onze voorwaarden voor reacties.