Windows Firewall instellen: Zo is je pc optimaal beschermd

Door: dennis-gandasoebrata | 18 mei 2021 06:06

How To

De ingebouwde firewall van Windows 10 is vaak standaard ingesteld en wordt verder niet meer bekeken. Zonde eigenlijk. Want als je dieper graaft, kun je de firewall optimaliseren en nog beter afstemmen op je gebruik. Windows Firewall instellen werkt als volgt.

Natuurlijk kun je de ingebouwde firewall van Windows 10, die officieel en languit Windows Defender Firewall heet, simpelweg inschakelen en er niet meer naar omkijken. Toch is het handig om te weten op welke manier je computer wordt beschermd en welke instellingen bepalen hoe de programma’s op je computer met de buitenwereld communiceren. 

De firewall heeft twee gezichten: de opties die je aan de oppervlakte ziet en de opties die iets dieper zijn weggestopt in de krochten van Windows.

Voor we verder gaan: je kunt op elk moment terugkeren naar de standaardinstellingen van de firewall. In de sectie Firewall- en netwerkbeveiliging kies je voor Firewalls instellen op standaardwaarden. Klik tot slot op Standaardinstellingen herstellen.

Globale instellingen

De Windows Firewall maakt deel uit van Windows-beveiliging, bij het instellingenvenster (Windows-toets+I). Kies voor Netwerk en internet. In de sectie Status klik je op Windows Firewall. Die optie vind je onderin het venster aan de rechterzijde. In het hoofdvenster van Windows-beveiliging zie je in één oogopslag hoe de computer momenteel wordt beschermd.

De firewall maakt onderscheid tussen drie soorten netwerktypen: Domeinnetwerk, Particulier netwerk en Openbaar netwerk. Er is één type netwerk per sessie actief: dit wordt ook aangegeven in het hoofdvenster. 

Het domeinnetwerk (ook wel: domeinprofiel) is in de praktijk voornamelijk in gebruik in zakelijke omgevingen en niet thuis. Het particulier netwerk is doorgaans van toepassing in een thuissituatie, bijvoorbeeld voor een thuisnetwerk. Het openbare profiel is van toepassing als je op een openbare plek bent, zoals een vliegveld of café. 

Het is belangrijk dat je het netwerkprofiel altijd juist hebt ingesteld: de standaardinstellingen van de firewall zijn geoptimaliseerd voor deze typen netwerken.

De firewall kan een flinke hoeveelheid meldingen tonen. Sommige daarvan zijn onnodig en leiden af. Een goed voorbeeld hiervan is de onregelmatige melding dat Windows Firewall je computer heeft gecontroleerd en er geen dreigingen zijn gevonden. 

Zorg ervoor dat de firewall zich beperkt tot de meldingen die er daadwerkelijk toe doen. In het venster Windows-beveiliging kies je voor Instellingen (linksonder in het venster). Klik op Meldingen beheren. Bij Meldingen over firewall- en netwerkbeveiliging haal je de vinkjes weg bij de netwerktypen waarvoor je geen melding wilt ontvangen. 

De eerste optie – Melding weergeven als Microsoft Defender Firewall een nieuwe app blokkeert – is nuttig en houd je op de hoogte van eventuele blokkeringen.

Apps toestaan

Per programma (ofwel app) bepaalt de firewall of er toegang tot internet mogelijk is. Een programma kan overigens ook een service zijn, bijvoorbeeld de dienst Hulp op afstand of een ftp-server die je draait. 

Je kunt op elk moment opvragen welke programma’s worden geblokkeerd en welke worden toegestaan. In de sectie Firewall- en netwerkbeveiliging klik je op de knop Een app toestaan door de firewall. Een nieuw venster wordt geopend. In de lijst zie je alle toegestane apps en onderdelen. Is het onderdeel aangevinkt, dan wordt het toegestaan.

Op welk type netwerk het onderdeel wordt toegestaan, zie je in de kolommen Particulier en Openbaar. Selecteer een onderdeel en kies voor Details als je meer informatie wilt opvragen.

Via dit onderdeel kun je ook de toegang tot specifieke programma’s blokkeren. Klik op de knop Instellingen wijzigen. Blader naar het programma dat je wilt aanpassen en haal het vinkje weg om de toegang te blokkeren.

Sommige programma’s wil je mogelijk wel gebruiken op een privénetwerk (bijvoorbeeld thuis), maar niet als je gebruik maakt van een openbaar netwerk (bijvoorbeeld in een café). Een goed voorbeeld hiervan zijn apps voor bankzaken of andere apps met gevoelige informatie. 

In dit geval zoek je de app op in de lijst met toegestane apps en onderdelen en plaats je een vinkje bij de kolom Particulier. Haal het vinkje juist weg bij de kolom Openbaar. De app kan voortaan alleen met de buitenwereld communiceren als je een privénetwerk gebruikt.

Handmatig toevoegen

Naast het aanpassen van toegangsrechten voor bestaande apps en onderdelen, kun je ook nieuwe programma’s toevoegen en toestemming geven voor communicatie met de buitenwereld.

In het venster met de lijst van toegestane apps en onderdelen controleer je eerst of de app niet al wordt vermeld in de lijst. Is de app niet gedetecteerd en nog niet aanwezig, dan klik je op de knop Een andere app toestaan. Gebruik de knop Bladeren om de Verkenner te openen en de betreffende app handmatig aan te wijzen. 

Vervolgens klik je op Netwerktypen. In dit venster bepaal je binnen welk netwerk de app mag communiceren. Kies tussen Particulier of Openbaar en bevestig met een klik op OK. Controleer de instellingen en klik op Toevoegen om de nieuwe app te bewaren.

In één keer op slot

Als je een situatie niet vertrouwt, kun je ook in één keer alle binnenkomende verbindingen blokkeren. Klik op het actieve netwerk in de sectie Firewall en netwerkbeveiliging, bijvoorbeeld Particulier netwerk. Zet een vinkje bij de optie Alle binnenkomende verbindingen blokkeren, inclusief verbindingen in de lijst met toegestane apps

De optie is vooral bedoeld voor situaties waarin er sprake is van een gerichte aanval op het netwerk en je zonder al te veel moeite de volledige bescherming wilt activeren.

In ditzelfde venster vind je ook de optie om de firewall volledig uit te schakelen voor het geselecteerde netwerk. Zet de schuif op Uit bij Microsoft Defender Firewall. De bescherming wordt hiermee in één keer opgeheven, dus weer voorzichtig.

Netwerktype veranderen

Het netwerktype (privé of openbaar) bepaalt dus welke beveiligingsinstellingen de firewall hanteert. Wanneer je voor het eerst verbinding maakt met een netwerk, vraagt Windows om welk type het gaat. 

Mogelijk wil je het netwerktype in de toekomst veranderen. Open dan het instellingenvenster van Windows en kies Netwerk en internet. Open de sectie Status en klik op de knop Eigenschappen bij de actieve verbinding waarvan je het type wilt aanpassen. Bij Netwerkprofiel kies je het nieuwe netwerkprofiel: Openbaar of Privé.

Bekende netwerken beheren

Elk netwerk waarmee Windows is verbonden, wordt bewaard in de lijst met bekende netwerken. Die lijst groeit gestaag, naarmate het aantal (tijdelijke) netwerken waarmee je verbindt, toeneemt. Bekijk de lijst regelmatig en schoon deze op: netwerken die je eenmalig hebt gebruikt, kun je uit de lijst verwijderen. 

In het Windows-instellingenvenster kies je voor Netwerk en internet. Kies voor Wi-Fi en klik op Bekende netwerken beheren. Klik op het netwerk dat je niet meer nodig hebt en kies Niet onthouden. Als de lijst groot is en je bent op zoek naar een specifiek netwerk, dan gebruik je het zoekveld bovenin.

Geavanceerde opties

Windows Firewall biedt standaard maar een beperkte set informatie. Dat komt omdat de uitgebreide opties voor de firewall zijn ondergebracht in een andere, minder bekende sectie. Open het Startmenu en typ Wf.msc, gevolgd door Enter. Een nieuw venster wordt geopend. 

In het hoofdvenster vind je de status van de firewall: ook hier wordt onderscheid gemaakt tussen de verschillende netwerktypen, zoals privéprofiel en openbaar profiel.

Klik op Eigenschappen van Windows Defender Firewall om het eigenschappenvenster te openen. Dit is onder meer opgebouwd uit de eerdergenoemde netwerkprofielen. Klik bijvoorbeeld op het tabblad Privéprofiel. Bij Status lees je of de firewall actief is. 

Bij Binnenkomende verbindingen zie je dat standaard alle binnenkomende verbindingen worden geblokkeerd. Voor de meeste situaties is dit de juiste instelling: het gaat er in de praktijk vaak om dat je computer verbinding maakt met andere computers (zoals een webserver bij het bekijken van een internetpagina). 

Bij Uitgaande verbindingen lees je dat deze wel zijn toegestaan. Standaard beschermt de firewall alle netwerkverbindingen, zowel bekabeld als draadloos. Je kunt de firewall voor bepaalde verbindingen uitschakelen. Bij de optie Beveiligde netwerkverbindingen klik je op de knop Aanpassen. Haal hier het vinkje weg bij de netwerkverbindingen die je wilt uitsluiten.

Regels bekijken

De firewall werkt op basis van regels. Er wordt daarbij onderscheid gemaakt tussen regels voor binnenkomende verbindingen en regels voor uitgaande verbindingen. Je kunt een overzicht van de regels inzien door in het menu aan de linkerzijde voor een categorie te kiezen. 

Klik eerst op Regels voor binnenkomende verbindingen. De regels verschijnen rechts in het venster. Vaak dragen de regels de naam van het programma waarvoor ze gelden. Dubbelklik op een regel voor de details. Het is verstandig om de meeste instellingen niet aan te passen: alleen gevorderde systeembeheerders zijn in staat alle gevolgen hiervan te overzien. Pas je iets aan zonder dat je hiervan alle details kent, dan kan de bescherming van je computer gevaar lopen.

Toch bestaan er een paar tabbladen die interessant genoeg zijn om goed te bekijken en eventueel verder naar je hand te zetten. Op de tab Geavanceerd vind je de optie Interfacetypen. Hiermee kun je aangeven op welk type verbinding de firewallregel van toepassing is. Zo kun je aangeven dat de regel bijvoorbeeld alleen op draadloze verbindingen van toepassing is of alleen op vaste netwerkverbindingen. 

Klik op Aanpassen en kies Deze interfacetypen. Plaats vervolgens een vinkje naast de verbindingen waarvoor de regel geldt en klik op OK.

Verbinding blokkeren

Een groot voordeel van het geavanceerde venster van de firewall: de mogelijkheid om de communicatie van een specifiek programma of specifiek proces in één keer te blokkeren, zonder de rest van het internetverkeer te verstoren. Dit komt bijvoorbeeld van pas als je de situatie niet vertrouwt en het verdachte programma snel de toegang wilt ontzeggen. 

Open de sectie Regels voor uitgaande verbindingen. Zoek het programma op dat je wilt blokkeren en dubbelklik hierop. Op de tab Algemeen vind je de sectie Bewerking. Kies hier voor De verbinding blokkeren en klik op OK.

Op een later moment herstel je de bewerking weer door hetzelfde tabblad te openen en te kiezen voor De verbinding toestaan. Het is belangrijk dat je elke aanpassing in de firewall vastlegt, bijvoorbeeld in een Word-document. Zo kun je een situatie altijd relatief eenvoudig terugdraaien. 

Totaaloverzicht

Tot slot is er de sectie Controle. Hiermee roep je een uitgebreid overzicht op van de status van de firewallbeveiliging. Kies het profiel waarover je meer informatie wilt. In het overzicht zie je of de Windows Firewall actief is en van welke meldingen je op de hoogte wordt gesteld. Verder geeft Firewall aan welke regels actief zijn. 

Als je het logboek hebt geactiveerd (waarover hieronder meer), vind je ook een koppeling naar de logboekinformatie. Klik op het pijltje naast Controle om de onderliggende secties uit te klappen en een overzicht van de actieve beveiligingsregels op te vragen.

Logboek raadplegen

Standaard houdt Windows Firewall geen logboek bij. Dat is jammer, omdat je in geval van problemen een logboek kunt raadplegen om te controleren waar het misgaat. Een logboek kan namelijk waardevolle informatie bevatten over de stappen die de firewall heeft genomen.

In het geavanceerde firewallvenster klik je op Eigenschappen. Open de tab Privéprofiel en klik op Aanpassen in de sectie Logboekregistratie. Kies nu wat je wilt opslaan. Zo kun je het vastleggen wanneer er datapakketten verloren gaan (kies voor Verloren pakketten in logboek registreren) en het vastleggen wanneer verbindingen succesvol worden opgezet (kies voor Geslaagde verbindingen opslaan).

Bij Naam kun je de opslaglocatie van het logboek aanpassen. Standaard vind je het logboek in de map C:\Windows\System32\logfiles\firewall. Het bestand heet Pfirewall.log

Bij Limiet kun je de maximale bestandsgrootte van het logboek bepalen, als je niet tevreden bent met de standaardgrootte van 4 MB. Klik op OK om de instellingen op te slaan. 

Het is tenslotte verstandig om de logboekregistratie alleen te activeren als je problemen hebt met de verbindingen en een oorzaak wilt achterhalen, want het bijhouden van het logboek legt beslag op de bronnen van Windows.

0 Reactie(s) op: Windows Firewall instellen: Zo is je pc optimaal beschermd

  • Om te reageren moet je ingelogd zijn. Nog geen account? Registreer je dan en praat mee!
  • Er zijn nog geen reacties op dit artikel.

Wanneer je een reactie plaatst ga je akoord
met onze voorwaarden voor reacties.